Bestel hier de volledige versie van " De Schouder "


De Elleboog - Demo

Golferselleboog

Voorkomen

De term "golferselleboog" wordt gebruikt voor een tendinitis van de gemeenschappelijke insertiepees van de polsflexoren op de mediale epicondyle.
Soms wordt de term 'mediale epicondylitis' gebruikt, naar analogie met de 'laterale epicondylitis' of 'tenniselleboog'.
Zoals de tenniselleboog is het een overbelastingsletsel dat voornamelijk voorkomt tussen de 40 en de 60 jaar.
De aandoening wordt gekenmerkt door mediale elleboogpijn bij elleboog- en polsbewegingen.

Klinisch Onderzoek

  • Het klinisch onderzoek toont een normale en pijnloze passieve beweeglijkheid van de elleboog.
  • De weerstandsflexie van de pols is pijnlijk, evenals de weerstandspronatie - de pees van de pronator teres maakt deel uit van het gemeenschappelijke peescomplex.
  • Uitzonderlijk is alleen de weerstandspronatie pijnlijk
  • Soms is het standaardonderzoek van de elleboog volledig negatief. In dit geval dient een toegevoegde test, de weerstandsflexie van de vingers, te worden uitgevoerd. Een zeer gelokaliseerd letsel op het diepe gedeelte van de pees veroorzaakt alleen pijn bij het aanspannen van de flexor digitorum longus.
  • Palpatie t.h.v. de mediale epicondyle toont een gelokaliseerde drukpijnlijkheid.

    Er zijn twee mogelijkheden:
    • Tenoperiostaal: de drukpijnlijkheid ligt op de epicondyle zelf - overgang bot peescomplex

       

    • Tendineus - musculotendineus: De drukpijnlijkheid kan gevoeld worden in één van de afzonderlijke pezen (1/2 tot 1 cm onder de rand van de epicondyle).

    Behandeling

    Bij het type I (tenoperiostale variëteit) hebben we de keuze tussen diepe dwarse fricties en infiltratie met triamcinolone.
    Bij het type II (peesletsel) is diepe dwarse fricties de voorkeursbehandeling

    Copyright © 1 mei 1998 L. Ombregt [Home] [Startmenu] [Hoofdmenu]