Bestel hier de volledige versie van " De Schouder "


"De Schouder" Demoversie

Basis Functie-Onderzoek: Basisprincipes :

In een basisonderzoek zullen we op een functionele en systematische manier alle strukturen van de schouder testen. De testgegevens vormen een patroon die leidt naar de diagnose.

1.Functioneel: In een bewegingsorgaan, in casu de schouder, kunnen we grosso modo twee soorten weefsels onderscheiden: weefsels die aktief kunnen contraheren (contractiele structuren) en weefsels die dat niet kunnen (niet-contractiele structuren).

  • Contractiele structuren zijn spieren-pezen en hun innervatie.
  • Niet-contractiele structuren zijn de andere weefsels: kapsel en synovia, banden, bursae, bot, kraakbeen en het labrum glenoidale.
  • 2. Systematisch: We proberen met zo weinig mogelijk testen zo veel mogelijk nuttige informatie te verkrijgen. Door de testen op een logische manier te rangschikken krijgen we een duidelijk overzicht. We onderscheiden:

  • aktieve testen
  • passieve bewegingen
  • weerstandstesten

    3.Patroonvorming: Tijdens het onderzoek worden de bevindingen geregistreerd en na het onderzoek worden alle antwoorden - de negatieve zowel als de positieve - uitgewerkt in een patroon. Dit patroon is de weerslag van het functionele gedrag van de aandoening. Elk patroon is dus typisch voor een bepaalde pathologie of voor een groep letsels en het herkennen van een typisch patroon zal dus zeer snel leiden tot het stellen van een correcte diagnose.

    Copyright © 1 mei 1998 L. Ombregt [Home] [Startmenu] [Hoofdmenu]